Bier is stoer?

26 april 2019 / Actueel / Blog

Beste IkPassers, onze 40 dagen zitten er alweer een tijdje op. Ik zal eerlijk zijn: bij aanvang van deze tweede campagne was ik vol vertrouwen en het niet drinken ging me bijzonder goed af. Maar na een week of twee veranderde dat ineens. Ik zag mijn vader een koud pilsje pakken op één van de mooie dagen waarmee we plotseling verrast werden. “Wil je er ook eentje?”, vroeg hij. Bijna had ik er een genomen, maar gelukkig vind ik bier niet lekker. Ja, je leest het goed. Ik ben géén bierdrinker.

Ik was een jaar of twaalf en had stiekem een flesje bier van mijn vader leeggedronken. Dat heb ik geweten. Nadat mijn kindermaagje helemaal leeg was en mijn huisarrest voor een week een feit was, sprak ik met mezelf af om nóóit meer bier te drinken. Helaas brak ik die belofte op 27 Juni 1997. Ik moest de precieze datum even opzoeken, maar de herinnering staat in mijn geheugen gegrift.
Samen met collega’s van de aardbeienkwekerij, waar ik toen werkte, ging ik naar een concert van de Achterhoekse rockband Normaal. Ruim van tevoren werd me verteld dat het een ‘bierfestijn’ zou  worden. Iedere Normaalfan drinkt bier en er zou ook met bier gegooid gaan worden. “Ja Gerb, ze hebben daar echt geen mixdrankjes voor jou hoor”, grapten m’n collega’s de weken voor het concert. Nou, dan tóch maar aan het bier nam ik mezelf voor. Ik zal ze eens laten zien dat ik óók een stoere bierdrinker ben.

Ik stapte het terrein op en binnen één minuut had ik geen T-shirt meer aan. Twee onbekende mannen kwamen op me af en scheurde mijn T-shirt aan flarden. Nog een minuut later was ik helemaal doorweekt van het bier dat over me heen gegooid werd. Als ik alleen al terugdenk aan die geur, word ik  misselijk. Het was die avond een graad of tien, maar de gevoelstemperatuur daalde al snel richting vriespunt, zo zonder shirt en plakkerig van het bier. Gelukkig zat mijn haar nog wel goed. Eigenlijk wilde ik naar huis, maar ging toch richting feesttent waar het podium stond. Gelukkig was het daar wat warmer, door al die zwetende en bierdrinkende ‘Anhangers’. Want zo noemen de Normaalfans zichzelf.
Ik had ‘de pot’ en liep snel naar één van de vele barretjes en bestelde een meter bier, net zoals iedereen dat deed. Ik had me nog niet omgedraaid om terug te lopen naar mijn collega’s en daar vloog mijn meter bier al door de lucht. Een enorm gespierde grote ‘Anhanger’ lachte me vriendelijk toe en riep: “Høken!” Tja, word dan maar eens boos. Dus ik riep maar snel hetzelfde en gaf hem een high-five. Dan maar een nieuwe meter bestellen. Gelukkig kon ik deze wel op tijd afleveren. Alhoewel de helft alsnog de lucht in vloog vóór consumptie.

Helaas was er een biertje over voor mij en daar stond ik dan met een biertje in mijn hand. Ik zag een aantal collega’s ineens kijken met een blik van: “Zou ‘ie het doen?” Hupsakee, in één keer achterover dat bekertje. Kijk mij eens stoer zijn joh. Mijn bovenlijf stonk al van het bier en nu proefde ik het ook nog. Gatver. Iedereen om mij heen begon te juichen. “Gerb heeft bier gedronken!”, klonk het om me heen.
Ik kon biertje nummer twee gelukkig een klein uurtje uitstellen en in de tussentijd verbaasde ik me over de hoeveelheid bier die geconsumeerd werd. Niet normaal. Of eigenlijk was het wél normaal, want zij zouden zo gaan optreden. Maar goed, biertje nummer twee was een feit en ik zag ze weer kijken, mijn lieve collega’s. Daar ging mijn biertje, snel achterover. En weer dacht ik: Gatver, wat is dit spul goor zeg. Waarom drinkt iedereen dit? En waarom heeft bier drinken het labeltje ‘stoer’ gekregen? Ik snap er niks van.

Even ging ik terug in de tijd en was weer dat jochie van twaalf dat stiekem bier gepikt had van zijn vader. Ietsje slimmer was ik inmiddels wel, want na één biertje stopte ik. Noodgedwongen weliswaar, maar toch. Nu had ik er al twee op en herinnerde ik me de afspraak die ik met mezelf gemaakt had als twaalfjarig jongetje. Die belofte had ik verbroken en dat heb ik geweten. Na nog twee keer stoer geweest te zijn, liep ik misselijk de tent uit. Zoekend naar een rustig plekje waar ik even kon zitten.
Je voelt hem al aankomen: het eind van het concert heb ik helaas gemist.

De weken na het concert werd ik uiteraard regelmatig gepest op het werk door mijn collega’s. Ach ja, dan maar niet stoer, dacht ik toen. Gelukkig hebben deze twee herinneringen er toch maar eventjes voor gezorgd dat ik geen biertje gedronken heb met mijn pa, op die mooie zonnige middag. Al doende leert men, toch? Met vlag en wimpel geslaagd. Ook deze keer. Begin volgend jaar doe ik zeker weer mee, jullie ook?

Gerelateerd



INFORMATIE OVER COOKIES:
BIJ HET GEBRUIK VAN DEZE WEBSITE GAAT U AKKOORD MET HET GEBRUIK VAN COOKIES.


Meer informatie

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close