Op Witte Donderdag zat het er voor wat mij betreft op; mijn experiment om zonder alcohol door het leven te gaan. Er was een feest en zoals vroeger bevond ik me tussen ‘de nuttelozen van de nacht’; zij die niet naar huis kunnen zonder dat iemand ze wegstuurt. ‘De allerlaatste’ kwam vier keer voorbij en vier keer zei ik: ‘De allerlaatste dan!’ Enfin, ’s nachts nam ik een preventieve pijnstiller en de volgende dag bleek de schade mee te vallen. Een beetje duf in het hoofd. Zo te zien leek er weinig of niets veranderd…

Maar Beste Ik Passers, beste mee-nietdrinkers, de boodschap is heuglijker. Want in de dagen die volgden waren er volop gelegenheden tot een gelegenheidsbiertje, of een gezelligheidswijntje. Telt u mee? Een avondje voetbal kijken; een Paasetentje met asperges; een goed gesprek met mijn lief; eten koken na een drukke dag; dorst na het sporten en genoeg van al dat water. En bij een aantal van die gelegenheden weigerde ik hoffelijk de drank. Soms nam ik toch één glaasje wijn en leek ik dubbel te genieten, maar vaker bleef het bij ‘niets’ of ‘iets anders’.

Gisteravond zat ik alleen thuis. Heerlijk, op de bank, de tv aan en een spannende voetbalwedstrijd. Ik kreeg een vriend aan de telefoon. Hij komt uit Zeeland en zoals alle Zeeuwen spreekt hij graag over eten. Hij had een Spätburgunder bij de asperges genomen en tsjonge, jonge, wat was dat lekker geweest. En omdat er nog wat in de fles zat nu, was hij ook op het moment van spreken nog aan de wijn.

Hier moet ik even streng zijn voor al mijn passende vrienden en vriendinnen, want soms krijg ik wel eens het gevoel dat de ‘passers’ als goed worden gekwalificeerd en de ‘drinkers’ als slecht. Daar ben ik niet van. En als iemand dan ook nog begint over ‘een stukje bewustwording’ rondom de IkPas actie, dan ben ik geneigd om een krat wijn soldaat te maken. En daarna eens flink over mijn nek te gaan.

Maar goed, terug dus naar mijn heuglijke boodschap. Ik drink minder. Ik drink alleen als ik er echt zin in heb. Het is daardoor lekkerder. Mijn enige glaasje wijn bij het eten in De Grut – heb ik daar nu genoeg reclame voor gemaakt? – was verrukkelijk. Ik proefde de lente, een fruitachtige nasmaak en ja, één glas was gewoon genoeg.

Resumerend kan ik zeggen dat IkPas me goed heeft gedaan. Tijdens en dus ook na de alcoholloze periode. Er is een soort… Tja, hoe noem ik dat? Een stukje… Er heeft ontegenzeggelijk een stukje bewustwording plaatsgevonden. (sorry)

Marcel Rözer (57) is schrijver/journalist en woont in Nijmegen. Na een vijftal boeken over sport schreef hij in 2013 een familiebiografie. Eind 2017 publiceert hij zijn eerste roman. Rözer is ZZP’er en daarnaast twee dagen per week werkzaam op de Hogeschool Arnhem Nijmegen. Hij heeft twee kinderen, Teun (17) en Koosje (14).